Van staatsaansprakelijkheid naar EU-aansprakelijkheid

bureau Brandeis / 26 mei 2016

De Europese Unie brengt de gemoederen flink in beweging. De schrijnende vluchtelingencrisis vraagt om een Europese aanpak, maar de recente deal tussen de EU en Turkije is volgens velen in strijd met Europees en internationaal recht. De Raad van Europa concludeerde onlangs: “The EU-Turkey Agreement, however, at best strains and at worst exceeds the limits of what is permissible under European and international law. Even on paper, it raises many serious questions of compatibility with basic norms on refugees’ and migrants’ rights. It has so far given every indication of being even more problematic in practice”. Vanuit diverse kanten klinkt de roep om de Europese Unie voor de rechter te ‘slepen’.

Ook het schandaal rond de emissietests voor auto’s leidt tot flinke ophef en verontwaardiging. Volgens onderzoekers heeft het gesjoemel met software in dieselmotoren door Volkswagen de samenleving een schadepost van EUR 29 miljard bezorgd en 45.000 gezonde levensjaren gekost. De pijlen zijn vooral gericht op autofabrikanten, maar ook de Europese Unie blijft niet buiten schot. Het Europees Parlement heeft een commissie ingesteld die gaat onderzoeken (onder meer) of de Europese Commissie genoeg heeft gedaan in verband met de handhaving van de Europese emissienormen. Er zijn berichten dat EU-ambtenaren al in 2011 de Europese Commissie hebben ingelicht over deze misstanden, terwijl het schandaal pas in september 2015 door een Amerikaans onderzoek aan het licht kwam.

Dit zijn slechts twee recente voorbeelden die illustreren dat de Europese Unie niet langer ver van ons bed staat, maar tegenwoordig de gemoederen flink in beweging brengt. De roep uit de samenleving om de Europese Unie voor de rechter te ‘slepen’ zal in de toekomst vermoedelijk steeds vaker worden gehoord. Daarbij zal uiteraard altijd goed in de gaten moeten worden gehouden waar de bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de individuele lidstaten ophouden en die van de Europese Unie beginnen. Er voltrekt zich een ontwikkeling van staatsaansprakelijkheid naar EU-aansprakelijkheid.

Het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie voorziet in diverse routes voor rechtsbescherming. Een van die routes is de niet-contractuele aansprakelijkheid van de Europese Unie. Artikel 340 VWEU bepaalt: “Inzake de niet-contractuele aansprakelijkheid moet de Unie overeenkomstig de algemene beginselen welke de rechtsstelsels der lidstaten gemeen hebben, de schade vergoeden die door haar instellingen of door haar personeelsleden in de uitoefening van hun functies is veroorzaakt.” Het Hof van Justitie van de Europese Unie is bevoegd kennis te nemen van dergelijke geschillen (zie artikel 268 VWEU), waarbij het Gerecht in eerste aanleg oordeelt en vervolgens bij het Hof van Justitie een tot rechtsvragen beperkte hogere voorziening kan worden ingesteld. Lees hier verder.

Gerelateerde artikelen

Competition Flashback Q2 2021

Bas Braeken & Jade Versteeg & Lara Elzas & Timo Hieselaar & Berend Verweij / 07 jul 2021

Dit is de Competition Flashback Q2 2021 van bureau Brandeis met daarin een selectie van enkele belangrijke mededingingsrechtelijke ontwikkelingen over het afgelopen kwartaal (klik hier voor het origineel). Wilt u graag voortaan de Competition Flashback…